Hersenonderzoek
 
 
 
[startpagina] [lissencephaly] [polymicrogyrie] [neuronale migratie]
 
 

Inleiding:

Bij hersenonderzoek wordt gebruik gemaakt van 3 belangrijke aparaten. Deze zijn:

 
 

EEG

EEG is de afkorting van electro-encefalogram (niet te verwarren met ECG welke electro-cardiogram betekend). Een EEG is een registatie van de elektrische activiteit van de hersenschors (de buitenlaag van de hersenen).

De hersenschors bestaat uit o.a. zenuwcellen die onderling met elkaar verbonden zijn. Ze bevinden zich in groepen. Elke groep heeft een variërende spanning. Deze spanningsverschillen kunnen gebruikt worden om de toestand van de hersenen van buitenaf te onderzoeken. Het meten van de spanningsverschillen kan via de hoofdhuid. Daarvoor worden er elektroden op de hoofdhuid op vooraf bepaalde plaatsen geplakt. Deze elektroden geven de elektrische spanningsverschillen door aan meetapparatuur. Deze spanningsverschillen zijn zeer klein, namelijk 50-100 microvolt. De meetapparatuur vesterkt deze gemeten verschillen, en zet ze om in een leesbaar diagram. De vorm, frequentie, amplitude (hoogteverschillen) en plaats van de golven geven de informatie weer over het functioneren van de hersenen en de bewustzijnstoestand, op het moment dat er wordt gemeten. Het leesbare diagram (voor ervaren personen) noemt men een elektro- encefalogram.
Door tijdens het meten bepaalde acties uit te voeren (zoals snel knipperend licht) kan men b.v. epilepsie traceren, en vast stellen hoe ernstig deze kan zijn. Het ondergaan van een EEG kan zeker voor een kind erg indrukwekkend zo niet beangstigend zijn. Niet het meten zelf is het probleem, maar het plakken van de electroden is behoorlijk vervelend. En vaak raken kinderen overstuur. Het plakken van de electroden zelf doet geen pijn. Het onderzoek is verder niet pijnlijk en over het algemeen snel voorbij, terwijl u er zelf de gehele tijd bij kunt zijn, en vaak zelfs uw kind op schoot kunt nemen.

Een EEG wordt meestal gebruikt bij het opsporen van epilepsie, bestudering van de slaap, en sommige functiestoornissen van de hersenen. Ook wordt het gebruikt bij experimenteel hersenonderzoek.

[naar boven]

 
 

CT/CAT

CT staat voor computerized tomography (computertomografie) en CAT staat voor computerized axial tomography (axiale computertomografie)

Een CT of CAT scan is niet zo gedetailleerd als een MRI scan. Maar op een scan gemaakt met deze apparaten is vaak al wel te zien dat er een ernstige afwijking is, en zal men vaak worden doorverwezen om een MRI scan te laten maken.

De CT/CAT scan komt tot stand door een ultra dunne röntgenbundel die door het lichaam gaat. De diverse weefsels, lichaamsbestanddelen zoals bot en vocht absorberen verschillende hoeveelheden van de bundel. De intensiteit van de bundel die het lichaam weer verlaat wordt vervolgens gemeten door een röntgenverklikker. De weefsels worden op de scan zichtbaar als verschillende schakeringen grijs. Aan het ene eind van dit spectrum staat bot (wit) en aan de andere kant lucht (zwart). Dit wordt in een computer allemaal tot een plaatje gesmeed, en zodoende krijgt men een beeld. Dit beeld is minder duidelijk dan een MRI beeld.

[naar boven]

 
 

MRI/NMR

MRI staat voor magnetic resonance imaging. Ook wordt de term NMR wel gebruikt welke staat voor nuclear magnetic resonance. In het Nederlands wordt ook wel eens de term kernspintomografie gebruikt.

Met deze techniek worden dwarsdoorsnede foto's van het lichaam gemaakt. Dit wordt met behulp van een zeer sterk magnetisch veld en korte radiogolven bereikt. Deze wekken in het lichaam signalen op, die omgezet worden naar een beeld van het inwendige van de patiënt. Men wordt dus ook in een zeer magnetisch veld geplaatst. (meestal merkt men daar helemaal niks van). Tijdens dze procedure is het noodzakelijk dat men stil ligt op een goed beeld te krijgen. Dus meestal zal uw kind in een lichte slaaproes worden gebracht zodat deze niet beweegt tijdens de opnames. Het bijkomende voordeel is dat uw kind weinig of niets meemaakt van al die indrukwekkende apparatuur, en dus rustig blijft. Voor u als ouder is het wel anders, omdat uw kind toch (al is het licht) onder narcose wordt gebracht, wat toch wel spannend kan zijn. Vaak mag u er bij zijn tot uw kind slaapt, en dient u daarna buiten te wachten tot de opnames klaar zijn. Als uw kind wakker wordt zult u er ook weer bij zijn, zodat deze een bekend gezicht ziet.

De techniek van de MRI berust op het natuurkundige principe dat als de kernen van de in het lichaam aanwezige waterstofatoom in een magneetveld gebracht worden, de waterstofatomen zich als staafmagneetjes gaan gedragen. Een magneetverklikker meet de reactie van de atomen. Hierbij kunnen de dichtheid en de richting van deze moleculen met behulp van een computer worden vertaald in grijstinten, welke tezamen een beeld geven van het inwendige. De gebruikte electromagnetische golven worden onschadelijk geacht.Bij een MRI onderzoek wordt u dus niet blootgesteld aan straling.

[naar boven]

 
 
 
 
startpagina ---> aanverwante artikelen ---> hersenonderzoek